Amendementen betreffende het afvalwater ingediend door Rudi Daems (Groen)
Commissie Leefmilieu 28 februari 2008
Amendement 1
Voorstel tot schrapping van punt 2°
Toelichting
Dit punt is voorbarig en onzorgvuldig geformuleerd. Ten eerste is er geen uitzonderingsmogelijkheid voorzien voor die maatregelen die vallen onder de EU-RL Stedelijk Afvalwater. Ten tweede moeten deze uitzonderingen worden aangevraagd per waterlichaam en zo ook worden verantwoord. Ten derde moet het stroomgebiedbeheersplan een maatregelenprogramma bevatten (uitvoeringsplannen), en die zijn er nog niet. Ten vierde is er een economische analyse nodig, en die is er ook niet. Tot slot dient ook de vraag gesteld te worden naar de opportuniteit en de timing van deze vraagstelling tot uitzondering voor het hele Vlaamse grondgebied, om een moment dat de ingebrekestellingsprocedure tegen ons land i.v.m. de niet-naleving van de EU-RL Stedelijk Afvalwater nog lopende is.
Amendement 2
Nieuwe formulering van punt 3°:
“ voor individuele burgers een zo identiek mogelijke financiële behandeling van de gemeentelijke saneringsplicht als uitgangspunt te nemen, wat betreft de uitvoering van de infrastructuurwerken, en wat betreft de wijze van saneren: door een rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI), een kleinschalige waterzuiveringsinstallatie (KWZI) of de
individuele behandeling van afvalwater (IBA). Voorafgaandelijk aan de uitvoering van dit uitgangspunt wordt een financiële analyse hiervan gemaakt;
Toelichting
Het streven naar een gelijkschakeling tussen alle burgers van dit land lijkt me een verdedigbaar principe. Toch lijkt ons een voorafgaandelijk financiële analyse nodig, alvorens tot uitvoering hiervan over te gaan. Minder verdedigbaar is het uitgangspunt dat ook bedrijven tot 20IE onder deze regeling zouden vallen. Dit is in strijd met het kostenterugwinningsprincipe in de Kaderrichtlijn Water. Ook is een kruissubsidiëring van particulieren naar burgers via dit systeem niet wenselijk.
Amendement 3
Voorstel tot schrapping van punt 6°, en vervangen door wat volgt:
“ een onafhankelijk onderzoek te verrichten naar het meest wenselijke scenario voor de toekomstige waterzuivering in Vlaanderen, met inachtneming van meest economische en meest ecologische rendement;“
Toelichting
De objectieve gronden voor een wijziging van het overnamepunt in de voorgestelde richting zijn niet doorslaggevend. Wat is de basis voor die 25% regel? Wie zegt dat het verhogen van de financiële capaciteit van de gemeenten (mits de nodige randvoorwaarden) niet tot even goede of betere resultaten kan leiden? Trouwens, de economische en ecologische prestaties van de NV Aquafin waren in het verleden ook niet steeds gunstig. Tenslotte zien we de laatste jaren een eerder stagnerende waterkwaliteit. Het uitgangspunt dat een inhaalbeweging voor het waterzuiveringsbeleid nodig is wordt echter tenvolle gesteund. Via bovenstaand amendement stellen we voor dat eerst een onderzoek gebeurt naar het meest wenselijke scenario (verleggen van overnamepunt of verhogen van de financiële middelen voor gemeenten en waterbedrijven), en dit vanuit zowel een economisch als een ecologisch perspectief.
Amendement 4
Voorstel tot schrapping van punt 7°, en vervangen door wat volgt:
“In afwachting van de resultaten van bovenvermeld onderzoek de beheersovereenkomst met Aquafin te wijzigen door de opname van economische en ecologische resultaatsverbintenissen;”
Toelichting
Het voorstel tot schrapping van dit punt volgt uit de toelichting bij amendement 3. Bovendien is het merkwaardig dat het Vlaams Parlement voorstelt om de overname van de gemeentelijke saneringsplicht binnen de huidige beheersovereenkomst uit te voeren. Vlaams leefmilieuminister Crevits heeft onlangs in het Vlaams Parlement verklaard de bestaande beheersovereenkomst te zullen wijzigen door opname van economische en ecologische resultaatsverbintenissen, zoals het Vlaams Parlement reeds in een eerdere resolutie goedkeurde. Het lijkt ons dan ook aangewezen om minstens op deze nieuwe resultaatsverbintenissen te wachten alvorens nieuwe engagementen worden toevertrouwd aan Aquafin.
Amendement 5
Voorstel om in punt 14° “de mogelijkheid te onderzoeken” te vervangen door “concrete voorstellen uit te werken”
Toelichting
De internalisering van externe kosten steunt Groen tenvolle. Dit gebeurt best gefaseerd. Toch is het geen kwestie meer dat de mogelijkheid ervan onderzocht wordt. De internalisering van milieukosten wordt door de wetenschappelijke en economische wereld als zeer doeltreffend milieu-economisch instrument beschouwd in het milieubeleid. Daarom wordt voorgesteld om gefaseerd concrete scenario’s worden uitgewerkt om deze kosten te internaliseren, zoals ook de Sociaal-economische Raad voor Vlaanderen (SERV) en de Bond Beter Leefmilieu (BBL) tijdens de hoorzitting suggereerden.
Amendement 6
Een nieuw amendement na punt 15° invoegen: “de verdere ontwikkeling en versterking van het ecologisch en economisch toezicht op de drinkwatermaatschappijen, Aquafin en de gemeentelijke rioolbeheerders door te voeren; in dit verband na te gaan of er synergieën mogelijk zijn met de huidige toezichthouders/regulators inzake andere nutsvoorzieningen;”
Toelichting
In punt 15° wordt terecht gewezen op het belang van een kwaliteitsvolle maatstafvergelijking voor de drinkwaterbedrijven. Van evengroot belang is een kwaliteitsvolle regulering en toezicht. Daarom wordt voorgesteld om een ééngemaakte reguleringsinstantie uit te bouwen conform de regulering die bijvoorbeeld in de energiesector gebeurt.
Amendement 7
Nieuw amendement: “ een evaluatie te maken van de huidige financieringsinstrumenten in het licht van de verplichtingen en doelstellingen uit de Kaderrichtlijn Water en Richtlijn Stedelijk Afvalwater; op basis daarvan voorstellen te ontwikkelen die resulteren in een planmatige, doordachte en transparante prijszetting en kostenstructuur voor de komende jaren.”
Toelichting
Meerdere sprekers en collega-parlementsleden tijdens de hoorzitting drongen aan op transparantie van de waterfactuur. De SERV drong erop aan om decretale en soms ondoordachte verrassingen aan de waterprijs via de jaarlijkse programmadecreten te vervangen door een doordacht financieringsbeleid. Dit voorstel is een aanzet daartoe.
Amendement 8
Nieuw amendement:” een intensieve handhavingscampagne op te starten om de clandestiene winning van grondwater tegen te gaan.”
Toelichting
De Samenwerking Vlaams Water (SVW) sprak tijdens de hoorzitting van een toenemende illegale oppomping van grondwater. Dit vertekent uiteraard het kostenplaatje. Maar nog belangrijker is het feit dat deze illegale oppomping kan zorgen voor problemen inzake verdroging. Ook wijst het SVW op een potentieel risico op bacteriologische contaminatie.
Amendement 9
Nieuw amendement: “ een objectief beoordelingskader te ontwikkelen voor het al dan niet aanleggen van gescheiden rioleringssystemen.”
Toelichting
Uit de hoorzitting is gebleken dat de beoordeling of er bij rioleringswerken al dan niet gescheiden systemen dienen aangelegd te worden niet steeds even objectief en transparant verloopt. Zo zijn er voorbeelden van projecten waar bij vervanging van verouderde leidingen niet overgegaan werd tot gescheiden systemen, zelfs in relatief dicht bewoonde gebieden. Dit amendement vraagt dat er een objectief en transparant beoordelingskader ontwikkeld wordt.
Rudi Daems,
commissie leefmilieu
28 februari 2008.
Kalender
- Lancering Veggieplan in de Roma (org. EVA) 30/01/2012 20:15
- Infovergadering Plan Mer Brabo II 31/01/2012 20:00
- Horta presentatie-avond Meccano (org. Ademloos - stRaten generaal) 07/02/2012 20:00
- Voorstelling Méccano ism Geneeskunde voor het Volk en Ademloos 15/02/2012 20:00
- Presentatie-avond Meccano Hoboken (org. Ademloos - stRaten generaal) 15/02/2012 20:00
Groen!
- Van Hecke : Parlement mag niet beperkt worden in haar onderzoek
- Gebrek aan politieke daadkracht nekt groene stroom
- Voedselbanken zouden overbodig moeten zijn, maar moeten voorlopig Europese steun blijven ontvangen
- Europese Rekenkamer belicht verborgen kosten ontmanteling kerncentrales
- Bijna 2.500 ha landbouwgrond kreeg ‘harde’ bestemming


